1850-1940 | Wederopbouw | Na '65
  • architect
  • straat
  • stijl
  • functie
  • tools
  • Gereedschap

    Singel 340

    Datering:
    1917-1919
    Architect:
    Publieke Werken (G.J. Rutgers & P.L. Marnette)
    Bouwstijl:
    Amsterdamse School, verstrakt
    Oorsponkelijke functie:
    Telefooncentrale
    Status:
    Rijksmonument

    Gebouwd als Administratiegebouw en Centraal Bureau Centrum van de Gemeente-Telefoon. Het loopt door tot de Herengracht (nummer 295), waar de directie zetelde. De gevel aan die kant is in 1955 geheel vervangen (ontwerp Kees van der Wilk), op een oude deur na.

    In 1921 kwam hier ook een telefooncentrale. Eerdere locaties van deze centrale waren de Groote Club (Paleisstraat, tot 1896) en Spuistraat 168 (1896-1917). In 1911 kreeg Amsterdam een tweede centrale, "Zuid" in de Pieter de Hoochstraat/Teniersstraat.

    De centrale werkte halfautomatisch: de abonnees hadden nog geen draaischijf, zodat in de centrale telefonistes de verbinding tot stand moesten brengen.

    Dagblad De Tijd schreef bij de ingebruikname in november 1921:

    Het nieuwe telefoongebouw is ruim ingericht en er is gezorgd voor ruime luchtcirculatie, stofzuivering en algeheele veiligheid.

    De accumulatoren hebben de kracht, om het bedrijf, met de geheele verlichting, gedurende 2 dagen te voorzien, ingeval stroomstoring bij de electrische centrale ontstaat. (4000 ampères, 61 volt.) De ondergrondsche verbindingen zijn beter gebleken dan het bovengrondsche dradennet, van de 24000 lijnen zijn nu reeds 11- à 12000 onder den grond gestopt. Iedere kabel die binnenkomt bevat 448 dubbeldraden, die zich in drie zalen onderverdeelen: alle verbindingen zijn gesoldeerd en niet meer geschroefd; voor de veiligheid heeft iedere lijn een zekering tegen te hooge spanning en te veel stroom.

    In de groote schakelaarzaal wemelt het van fijne installaties, alle keurig gerangschikt en in groepen verdeeld, met practische controle-apparaten, waar alle aanvragen automatisch een vrijen weg zoeken: eerst in een groep (de 100000 verbindingen zijn in 10 groepen verdeeld), daarna, in duizendtallen en dan een vrije lijn. De 24 telefonisten hebben in de drukke uren gemiddeld 500 verbindingen per minuut tot stand te brengen. De eigenlijke verbinding zoekt zich echter mechanisch een weg, zodat een telefoniste wel heel weinig aan een foutieve of trage verbinding schuld is.

    Bronnen & links:
    Laatste wijziging:
    juli 2017
    Link Twitter Facebook E-mail

    Er zijn 11 afbeeldingen in de beeldbank van het Stadsarchief die gerelateerd zijn aan dit adres.

    Zoeken