1850-1940 | Wederopbouw | Na '65
>>>
  • architect
  • straat
  • stijl
  • functie
  • tools
  • Gereedschap

    Amsterdam was al sinds de 17e eeuw het centrum van de Nederlandse aandelenhandel. Een bedrijf dat geld nodig had, gaf aandelen uit: een stukje eigendom van het bedrijf. Die aandelen konden op een speciale beurs verhandeld worden.

    Die beurs stond vanouds op het Rokin en was ontworpen door Hendrick de Keyser. In 1845 werd het bouwvallige gebouw verruild voor een (gelukkig gesloopt) gebouw van de architect Zocher op de Dam. Na een kort verblijf in de Beurs van Berlage (1903-1912) werd het huidige gebouw op Beursplein 5 betrokken.

    Eind 19e eeuw was Amsterdam een van de belangrijkste financiële centra ter wereld. Ondernemingen die veel geld nodig hadden, konden hier terecht voor leningen. Zo werden diverse Zuid-Amerikaanse en Zuid-Afrikaanse spoorwegen gefinancierd met obligatieleningen in Amsterdam. Ook in die obligaties werd levendig gehandeld.

    De handel op de effectenbeurs werd gereguleerd door de Vereeniging voor den Effectenhandel uit 1876. De Vereeniging had bepaald dat alleen in Amsterdam gevestigde handelaren op de beurs mochten komen. Daardoor werd de effectenhandel een exclusief Amsterdamse aangelegenheid.

    Verwant aan de effectenhandel en het bankwezen was het kassiersbedrijf. Bij een kassier kon men tegen betaling geld en waardepapieren in bewaring geven. De kwitanties die men als bewijs kreeg, waren ook verhandelbaar. Na een bloeiperiode in de 18e eeuw waren er in 1850 nog 13 kassiersbedrijven. De grootste daarvan waren de Associatie Cassa en de Ontvang- en Betaalkas. De in 1865 opgerichte Kas-Vereeniging werd ook een grote speler. Later ontstond uit die bedrijven de Kas-Associatie, de latere KasBank.

    Effecten- en geldhandel

    Alle thema's

    Laatste wijziging:
    juli 2014