1850-1940 | Wederopbouw | Na '65
>>>
  • architect
  • straat
  • stijl
  • functie
  • tools
  • Gereedschap

    De in Groningen geboren Jan Gratama studeerde bouwkunde aan de Polytechnische School in Delft, de voorloper van de huidige Technische Universiteit. In 1908 vestigde hij zich als zelfstandig architect in Amsterdam.

    Aanvankelijk was hij meer bezig met de schrijfpen dan met het tekenpotlood. Hij wilde de architectuur vernieuwen en zocht naar wegen om moderne materialen en technieken (lees: beton) aan te laten sluiten op Nederlandse tradities. In 1916 doopte hij de vernieuwende stijl van het groepje architecten rond Michel de Klerk tot "Amsterdamse School".

    Tussen 1914 en 1930 werkte Gratama veel samen met Gerrit Versteeg (1872-1938), en vervolgens met J.W. Dinger (1891-1986).

    Gratama maakte ook stedenbouwkundige ontwerpen, al dan niet samen met Versteeg. Van hun hand zijn de plannen voor Betondorp en voor het Plan West.

    Hij werkte veel voor de gemeente en voor woningbouwverenigingen (Vogelbuurt 1917-1919, Transvaalbuurt 1920-1924, Betondorp 1923-1925), maar ook voor commerciëlere opdrachtgevers zoals de Incasso-Bank (kantoren Reguliersdwarsstraat 1928, Dam 1934).

    Het bankgebouw aan de Dam, op de hoek met het Damrak, was aanmerkelijk traditioneler dan Gratama's eerdere ontwerpen. Ook in zijn politieke opvattingen veranderde Gratama: waar hij eerder samenwerkte met uitgesproken sociaal-democraten als Berlage, kreeg hij in de jaren '30 nationaal-socialistische sympathieën.

    In 1943, tijdens de oorlog, werd Gratama wethouder van Publieke Werken in Amsterdam. Hij liet in die hoedanigheid veel oude gebouwen uit voorzorg opmeten en op tekening vastleggen, wat diverse werkloze architecten een inkomen bood. Als collaborateur kreeg hij na de oorlog wel problemen met Justitie. Jan Gratama overleed in 1947.

    Jan Gratama

    1877 - 1947

    Alle personen en organisaties

    Laatste wijziging:
    augustus 2018